Werk in Uitvoering

Thuiskomst

18 juni 2026

Als ik over brandstichting, 'AZC weg ermee' en vernielingen hoor, denk ik sukkels. ’s Nacht zet ik me in een gemakkelijke stoel, lees Rachel Cusk alsof dat het enige is dat telt.

Als kind dacht ik onzichtbaar te zijn, dat niemand me zag. Dus stopte ik in een winkel wel eens een zakje snoep in mijn jaszak. Ik weet nog hoe het knisperde, voelde me een houtenklaas, weet niet meer hoe ik buiten ben gekomen. Ook nam ik wel eens een schriftje of een pen weg bij de Hema. Eén keer een boek. Slechte mensen van Maarten Biesheuvel, toen was ik al ouder, twintig denk ik. Het was in een antiquariaat op een januaridag. Januaridagen zijn sowieso dagen die het best zo snel mogelijk voorbij gaan. Er was niemand die me tegenhield. Ik stak het boek onder mijn jas. Eenmaal daar kon het niet meer terug. Er is nooit een weg terug. Vraag me niet wat me bezielde. Toegegeven, ik was in een bepaalde stemming, had teveel Strindberg en Büch gelezen, was beïnvloedbaar.

Ik heb ook wel eens het fietsen van een ander gesaboteerd. Draaide het ventiel van de fiets van een buurjongetje open. Dat gaf een bepaald gevoel van macht. Daarop volgde direct een gevoel van ontheemding. Ik kon er niet van slapen.

In een interview zei Rachel Cusk dat in haar schrijven alles eindigt met de thuiskomst. Als je een geliefde verliest door dood of scheiding, ben je iets kwijt. Ze zei, ‘mij interesseert het Griekse idee dat het lijden eervol is. Dat je iets wint. De waarheid. Wat dat ook is.’

In die zachte stoel in de hoek van de kamer, lees ik het laatste deel van haar scheidingstrilogie, Kudos. Over haar alter ego Faye die in het eerste deel van de trilogie gescheiden is, in het laatste hertrouwd. Ze omringt zich met verhalen van anderen, mensen die even met haar oplopen. Zoals de jongeman die op een literair festival schrijvers begeleidt, haar vertelt dat het Griekse woord Kudos, ‘eerbewijzen’ betekent.

Een medepassagier in een vliegtuig vertelt haar over zijn dochter, als kind overgevoelig voor clichés. Wanneer er gasten waren, rende ze gillend door het huis. Ze speelde hobo. Hij kon het niet aanhoren, vond het aanstellerig klinken. Tot hij haar bij een optreden op het podium ziet, perfect in balans. Hij begint te huilen, niet om haar spel, maar omdat hij nooit in haar geloofd heeft. Er is de eens gelukkige vrouw die haar vertelt dat haar leven in puin ligt, omdat ze moeilijkheden ontliep. ‘Als kind zag ik dat mijn zus, twee jaar ouder dan ik, altijd de ergste klappen opving, terwijl ik alles aankeek vanaf de veilige schoot van mijn moeder, en elke keer dat zij in de fout ging of iets verkeerds deed nam ik me voor het anders te doen als het mijn beurt was.’ Ik lees Rachel Cusk alsof ik er enige betekenis in kan vinden over deze tijd. Zo die er is, is een ‘veilige schoot’ wel iets voor oproerkraaiers, thuis een gelegenheid tot beschouwing.

 

Kudos / Rachel Cusk / De Bezige Bij (2018) / vertaling Marijke Versluys

crossmenuchevron-down linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram